D-Groep Dag 3

Ronde 5

De herstart

Gisteren speelden broer en zus Schelleman tegen elkaar. Vandaag vechten ze een ander soort familieduel uit. De familie Schelleman neemt het in deze ronde namelijk op tegen de familie Noordaa. De jongste van de ene familie neemt het op tegen de oudste van de andere familie. Aan bord 18 vinden we daarom Iris Schelleman tegen Daan van der Noordaa. Bord 25 wordt bezet door Jasper van der Noordaa en Niels Schelleman. Aan beide borden spelen de jonkies met wit. De familie Schelleman wint deze confrontatie met 1,5-0,5 door met wit remise te spelen en met zwart te winnen!

Nog een interessant feit dat uit de indeling te halen valt is dat aan bord 15 beide spelers een rating van 1302 hebben. Dat zal dus ongetwijfeld een spannend duel zijn, tenzij Nathaniël Faybish of Teun van der Klugt niet goed uitgeslapen is. Na een toch wel lange partij worden de krachtsverhoudingen gerespecteerd en kunnen beide spelers een half punt aan hun totaal toevoegen.

De Belgen vinden het vandaag nodig om elkaar een beetje op te peppen voor de wedstrijd. Vooral Samuel Vandeputte spreekt zijn landgenoten moed in. Bij Olivier Verheyen doet hij dit zo hardhandig dat het in ieder geval zeker is dat Olivier niet meer slaapt. Zowel Samuel als Olivier spelen uiteindelijk en lange partij.

Na de speech uit de andere zaal hadden de meeste spelers enorm zin om te beginnen, alleen had de hoofdwedstrijdleider gezegd dat hij ook in deze zaal apart nog wat zou komen vertellen. Toen hij de A,B,C categorieën het startsein gaf begonnen de meeste D spelers vrolijk aan hun partij. Om na een paar zetten te horen te krijgen dat ze echt weer terug moesten naar de beginstelling.

Zo bezorgde de hoofdwedstrijdleider zijn onderdanen een hoop werk, want in een mum van tijd moesten ook alle klokken weer teruggezet worden naar de beginstand. Ook het tropisch regenwoud is niet blij met deze actie, want al die extra notatieformulieren die nu gebruikt worden kosten toch wel een hele boom het leven.

Om tien over negen, nadat de ouders en begeleiders verbaal de zaal uit zijn gejaagd en ook aan de spelers is duidelijk gemaakt dat zij na de partij de zaal moeten verlaten kunnen de partijen dan echt beginnen. Ivo Warmerdam scoort wel een moreel strafpunt voor het te laat zijn maar mag dankzij de herstart toch met 40 minuten op de klok aan de partij beginnen.

Ook op de Olympische spelen wordt af en toe een herstart gemaakt. Zo was er bij het roeien een Brits team waarbij het stoeltje in de boot afbrak. Omdat dit binnen honderd meter na de start gebeurde werd de hele wedstrijd opnieuw gereden. Een andere Britse ploeg mocht ook opnieuw starten. De baanwielrenners maakten vlak na de start van de teamsprint ongewenst kennis met de houten baan. In de herkansing fietsten zij zichzelf naar de gouden medaille.

Misschien is het toeval dat het hier om twee Britse teams gaat, maar een beetje wrang is het wel voor de Spanjaard Luis Léon Sanchez. Hij mocht bij de tijdrit op de weg niet opnieuw starten toen bij zijn eerste trap de ketting brak.

De strijd aan de topborden duurt deze ronde niet overal even lang. De borden 1 en 3 zijn zelfs als eersten klaar. Marijn den Hartog offerde zijn loper op h7. Meestal moet je bij een dergelijk offer goed uitrekenen of er echt wel iets te halen valt. In deze partij stond de koning van Jasper Beukema echter zo op de tocht dat Marijn direct materiaal won.

Aan bord 1 wint Joris Kokje in het middenspel een pion van Kevin Nguyen (waarvan de verslaggever niet goed weet hoe hij die naam moet uitspreken, maar dat geeft ook eigenlijk niet want het verslag is op papier) en stuurt dan op remise aan. Kevin weet echter door slim afruilen de druk op Joris te verhogen en de pion terug te winnen. Wanneer Joris er daarna nog eentje cadeau geeft wikkelt Kevin af naar een eindspel dat hij makkelijk wint.

Zo blijft Kevin dus zijn honderdprocentscore vasthouden. Ook Max Warmerdam komt op vijf punten. Hij profiteert van een iets te optimistische actie van Pieter Verhoef.

D-Groep dag 2

Ronde 4

Nog drie koplopers!

Aan het begin van deze ronde zien we dat Niels Schelleman het mag opnemen tegen Iris Schelleman. Tja, dan kom je dus helemaal uit Zeeland om tegen je kleine zusje te schaken. Qua rating staat Iris echter hoger dan Niels, al scheelt het niet veel. Het zou dus voor beiden een zware middag worden, tenzij er een salonremise zou worden overeengekomen.

Op de Olympische spelen zijn er maar weinig onderdelen waarbij een broer en zus tegen elkaar kunnen strijden en voor zover de verslaggever weet is het ook nog nooit gebeurd. De grootste kans om een broer-zus duel te vinden is waarschijnlijk de paardensport. Onwaarschijnlijker, maar wel mogelijk is bij het tennis of het badminton, waar het gemengd dubbelspel bestaat. Maar als broer en zus beiden goed zijn gaan ze het denk ik liever samen tegen de wereld opnemen.

Uiteindelijk was de stelling lange tijd gespiegeld, maar door onvoorzichtig afruilen creëerde Niels een zwakte in zijn eigen stelling. Iris profiteerde door in het centrum een pion te winnen. Deze pion was meteen een vrijpion en levensgevaarlijk. Het stoppen van de pion lukte Niels dan ook niet zonder materiaal, en daarmee de partij, te verliezen.

Jasper van der Noordaa heeft als eerste jongen plaatsgenomen aan het meisjesbord (25). Misschien dat hij graag een meisje wil zijn? Nee, dat lijkt onwaarschijnlijk. Logischer is dat hij een meisje probeert te versieren of dat hij gewoon toevallig aan bord 25 is terechtgekomen. De verslaggever houdt het op het laatste en verdenkt de computer ervan een foutje te hebben gemaakt.

Olivier Verheyen was op een gegeven moment niet helemaal zeker of zijn notatie nog klopte. Gelukkig had hij in Luuk Weidema een behlupzame tegenstander en kon alles goed op het formuliertje gezet worden. Ook Cas Koeman had deze ronde wat problemen met het op het juiste lijntje opschrijven van de gespeelde zetten, maar ook hij had, in de persoon van Simon Elgersma, een tegenstander die hem de gevraagde hulp bood.

Aan het eind van de vierde ronde is het natuurlijk voor de verslaggever tijd om eens te gaan kijken hoe de zaken in het klassement er voorstaan. Joris Kokje heeft nog altijd een honderdprocentscore en gaat dus vanavond slapen in de wetenschap dat hij leider in het klassement is. Hetzelfde geldt voor Max Warmerdam, en Kevin Nguyen. Geen van alle spelers volgt op een half puntje, maar een vol punt achter de drie koplopers vinden we Marijn den Hartog, Jasper Beukema, Simon Groenendijk, Geert van Hoorn, Pieter Verhoef, Adrian Kuiper en Sofie Hüttl terug.

Sofie is daarmee ook leidster bij de meisjes. Op een halfje gevolgd door Feline Waardenburg, die op haar beurt weer een halfje voor staat op Esther ter Stal en Fong Li Caljé.

D-Groep dag 2

Ronde 3

Topsport

Als we tussen de ronden door de zaal lopen blijkt dat een aantal spelers wat veel energie heeft vandaag. Zo zijn Joris Kokje en Piet Hein Droogh bezig met een nieuw Olympisch onderdeel, namelijk het zigzaggend hardlopen. Overigens bestaat er al een ander hardlooponderdeel met hindernissen, namelijk het hordenlopen.

Vroeger werd op de Olympische spelen ook gezwommen met hindernissen. Mensen moesten dan onder matten doorduiken of er juist overheen klimmen. Net zoals bij de huidige zwemnummers won dan de deelnemer met de snelste tijd. In 1900, de enige keer dat deze sport Olympisch was, werd dit onderdeel gewonnen door de Australiër Frederick Lane.

Bord 25 is voorlopig een meisjesbord want ook in de derde ronde zitten hier twee meisjes tegenover elkaar. Sowieso is het aantal meisjes in deze groep relatief hoog. In de groep met vijftig deelnemers zijn maarliefst tien meisjes aan het meestrijden. Sofie Hüttl is de enige die deze ronde met twee punten begint. De Belgische is in het kampioenschap van haar land op de tweede plaats bij de meisjes geëindigd. Anders dan bij ons spelen daar de meisjes in dezelfde groep als de jongens.

Van de top van dat kampioenschap zijn naast Sofie alleen Jasper Beukema en Olivier Verheyen aanwezig in Borne. Het lijkt dus waarschijnlijk dat een van hen de beste Belg gaat worden op dit toernooi.

Of we Jasper als Belg kunnen aanmerken is wel nog een beetje de vraag want hij deed ook aan het Nederlands kampioenschap mee. Daar eindigde hij ongeveer in het midden van het veld. Van de mensen die er in Borne bij zijn deden Cas Koeman, Max Warmerdam, Marijn den Hartog, Geert van Hoorn, Pieter Verhoef en Adrian Kuiper het toen even goed of beter. Meisjes die het toen goed deden en hier ook meedoen zijn Feline Waardenburg en Iris Schelleman.

Stijn Klapwijk en Sterre Mestrom hebben een wel heel gezellige partij. Voortdurend zijn ze met elkaar in gesprek. Niet over koetjes en kalfjes maar over zetten die eventueel gespeeld zouden kunnen worden. Analyseren na de partij lijkt dus niet meer nodig. Gelukkig vindt het gesprek wel plaats in fluistertaal, zodat andere deelnemers er geen last van hebben.

Begeleiders hebben soms een best zware taak. Niet alleen moeten ze zorgen dat iedereen ’s avonds op tijd naar bed gaat en dat de partijen geanalyseerd worden. Ook moeten ze ervoor zorgen dat de deelnemers voldoende voeding binnenkrijgen voor het spelen van al die zware partijen. Bij Spijkenisse was de timing vandaag niet optimaal aangezien halverwege de ronde de begeleidster nog boterhammen moest brengen naar enkele speelsters. Gelukkig geen yoghurt want rellen zoals in de WK match tussen Korchnoi en Karpov hebben we uiteraard op dit toernooi geen zin in.

Aan het derde bord spelen deze ronde Joris Kokje en Adrian Kuiper tegen elkaar. Joris wint met een kleine truc een pionnetje en wikkelt af naar een eindspel waarin hij een loper heeft tegen het paard van Adrian. Het is niet meteen duidelijk welk van deze twee stukken nou sterker is in dit eindspel maar gaandeweg wordt het zonneklaar dat de loper met behulp van de extra pion superieur is aan het edele dier.

 

 

D-Groep dag 2

Ronde 2

De recordboeken:

 Vandaag laat de hoofdwedstrijdleider vanuit de andere zaal weten dat we kunnen beginnen aan de tweede ronde. Gelukkig voor hem werkt de geluidverbinding beter dan de internetverbinding, want anders was hij totaal niet te horen geweest. Twee spelers ontbraken echter aan het bord. Dit levert hen, behalve wat morele strafpunten, ook een tijdsachterstand op in deze partij. Alexander Janse komt gelukkig na 10 seconden al de zaal binnen en zal nauwelijks gemerkt hebben dat hij wat tijd kwijt was. Kim-Luca Wasilewski begon zijn partij met nog maar dertig minuten op de klok. Hij ziet er overigens wel uitgeslapen uit.

Dat kunnen we niet zeggen van enkele spelers uit Gent en omstreken. Deze grote groep bevat zowel Nederlanders (Zeeuwen) en Vlamingen. Kennelijk was het erg gezellig in het kamp gisteravond en is er niet al te veel geslapen. Vooral aan Olivier Verheyen is dit goed te zien. Zouden enkelen in het Gentse kamp al de Olympische gedachte “meedoen is belangrijker dan winnen” hebben omarmd?

De verslaggever in ieder geval wel. Hij is er dit jaar voor de achtste keer bij (13 als je ook zijn vier deelnames en zijn jaar als inklopper meetelt). Waarschijnlijk geen record maar wel genoeg om in deze ronde zijn 100ste verslag te mogen schrijven. Onze link naar de Olympische spelen gaat dan ook uit naar mensen die recordhouder zijn in het aantal deelnames.

Een andere optie was, om naar aanleiding van het feit dat Max Warmerdam en Ivo Warmerdam aan de borden één en twee spelen de link te leggen naar de Belgische broers Borlee die gisteren samen in de finale van de 400 meter liepen. Dit gaat echter om twee redenen niet door. De broers Borlee behaalden helaas beiden geen medaille, maar belangrijker nog is dat Max en Ivo geen broers zijn. Wel lijkt het zo te zijn dat zij verre familie van elkaar zijn. Misschien leuk om een keer uit te zoeken?

Maar goed, de recordhouder dus. Statistieken laten zien dat we vooral bij de schutters, paardrijders en zeilers moeten gaan zoeken. Twee mensen hebben maarliefst negen keer meegedaan aan de spelen. Dat zijn Afanasijs Kuzmins, die in 1988 goud won bij het schieten en in 1992 de zilveren medaille mee naar huis mocht nemen en Hubert Raudaschl, die twee keer zilver won bij het zeilen (in 1968 en 1980). Maar er is natuurlijk altijd baas boven baas. De Canadese springruiter Ian Millar is er dit jaar voor de tiende keer bij. Vier jaar geleden won hij voor het eerst een medaille, een zilveren. Hij had gehoopt om ooit nog een keer samen met zijn zoon en dochter mee te doen aan de spelen, maar die hebben zich dit jaar niet gekwalificeerd. Misschien in Rio?

Recordhouder bij de Nederlanders is Anky van Grunsven die voor de zesde keer meedoet, en al heel wat medailles verzameld heeft. Ook schutter Eric Swinkels deed zes keer mee. Hij won een zilveren medaille. Jos Lansink is er dit jaar ook voor de zesde keer bij, maar hij is intussen Belg geworden.

In de partij tussen Feline Waardenburg en Dimitrios Loutragotis gebeurde eigenlijk niet zo veel. Aan het eind werd wel de zwarte dame onder vuur genomen maar dit gebeurde steeds vanaf dezelfde velden en steeds met dezelfde loper. Remise was dus een logisch resultaat.

Ook de wedstrijdleider is overigens niet helemaal wakker vanochtend. Een van de spelers voldoet niet aan zijn notatieplicht, maar het duurt tot na de partij voordat de wedstrijdleider er iets van zegt. De speler in kwestie dacht namelijk dat hij mocht stoppen met noteren wanneer hij onder de vijf minuten bedenktijd kwam. In veel toernooien is dat ook zo maar in dit toernooi moet je gewoon blijven doornoteren.

Sofie Hüttl scoort deze ronde al snel een punt. Tegenstander Vlad Omota was kennelijk ook nog niet helemaal wakker want hij raakt al binnen tien zetten een stuk kwijt.

Sofie dreigt met d4 gevolgd door d5 een stuk te winnen. Er zijn wel zetten die dit tegenhouden, bijvoorbeeld Lb6 of Ld7 maar Vlad ziet het gevaar niet en speelt Pe7. De partij duurde daarna niet lang meer.

 

 

 

 

 

 

D-groep Dag 1

Openingsceremonie!

 Rond half drie maandagmiddag namen precies 50 D-spelers plaats achter de borden in sportcentrum ’t Wooldrik. Tenminste, nadat de verslaggever de naambordjes bij de juiste borden had gezet. Als de wedstrijdleider dit zou moeten doen zou het te lang duren. Hij kan door een ongelukje niet zo goed meer lopen. Gelukkig heeft hij wel krukken om hem hierbij te ondersteunen, maar dan is hij niet zo snel.

Goed, iedereen zat dus achter de borden en het was nog even wachten op de toespraak van hoofdwedstrijdleider Aart Strik voordat de wethouder de eerste zet mocht spelen (dit deed hij in de EFGH groep). De toespraak duurde gelukkig niet al te lang zodat iedereen kon beginnen met waarvoor ze toch gekomen zijn. Schaken!

Bij de Olympische spelen was de openingsceremonie heel wat spectaculairder dan hier, maar het minpunt daarvan is natuurlijk dat het veel langer duurt. Voor de toeschouwers is dat leuker, zeker als mister Bean meedoet, maar de schakers beginnen liever aan hun partij.

Pas om vijf voor half vier, wanneer er in de EFGH groep nog maar zeven borden over zijn wordt de eerste uitslag in de D-groep bij de wedstrijdleiding binnengebracht. Dit geeft wel aan dat iedereen goed over zijn zetten aan het nadenken is en serieus met het spelletje bezig is. Ook het feit dat de meesten af en toe de tijd nemen om ontspannen door de zaal te lopen en zo weer nieuwe ideeën op te doen als men opnieuw naar de stelling kijkt geeft wel aan dat er fel om de punten gestreden wordt. De eerste koploper heet trouwens Simon Elgersma. Met wit versloeg hij Piet Hein Droogh.

Geluidsoverlast is er in deze zaal, waarin overigens een nieuwe vloer is gelegd, nauwelijks. Hooguit hoor je af een toe een schreeuw komen uit de analyseruimte of voetstappen van een van de spelers die ineens door de zaal rent. Ook vanaf de tribune komt soms wat geluid, maar echt veel hinder lijken de D-spelers daar nog niet van te ondervinden.

Noteren is verplicht, maar vooral voor de spelers aan de borden 5 en 8 is dat soms best lastig, zij hebben geen cijfers en letters langs hun bord staan. Deze ronde hebben we echter zeer goede noteerders aan die borden zitten, want het levert hen nauwelijks problemen op.

Sommige spelers vragen zich af waarom er in de EFGH groep zoveel live-borden zijn en in de D groep niet en spreken zelfs van discriminatie. Op zich wel te begrijpen want op een livebord spelen is natuurlijk altijd leuk om te doen (al moet je ook als je aan een livebord speelt nog noteren).

Giselle Fransen heeft op school Engels geleerd en begreep eigenlijk nooit waar dat nou weer goed voor was. Als je een schaaktoernooi speelt is het wel handig. Dat ondervond ze vandaag toen ze in Dimitrios Loutragotis een tegenstander trof die geen Nederlands spreekt. Of hij het Engels beheerst is voor de verslaggever niet helemaal duidelijk.

Overigens spelen er in deze groep sowieso veel buitenlandse schakers mee. De meesten van hen zijn Belgen, die nog wel redelijk te verstaan zijn. Ook zijn er Duitsers en Franstalige Belgen aanwezig en uiteraard ook Nederlanders met voorouders van verder weg.

Een van de Franstalige Belgen is Nathaniël Faybisch. Een speler die al jarenlang meedoet met het ONJK en in voorgaande jaren ook vaak om de prijzen meedeed. Dit jaar moet hij wel nog even wennen aan het speeltempo want al vrij vroeg komt hij in zijn partij tegen Feline Waardenburg in tijdnood. Feline heeft dan al een tijdje een goede stelling maar geeft plotseling een kans weg met 24…, Te8.

De kans op materiaalwinst werd dus gegrepen door Nathaniël, maar niet veel later ging hij rustig nadenkend door zijn vlag.